Sociale Raad in Woord & Daad

 

Het onafhankelijk oplossend intermediair

PUBLICATIE BEHOREND BIJ DE VERLEENDE

ANBI-STATUS

De doelstelling

 

De stichting stelt zich ten doel de welzijnsbevordering in het algemeen en de bevordering van de zelfredzaamheid van burgers in het bijzonder. Hiertoe ondersteunt zij de burger bij het maatschappelijk functioneren door het geven van informatie, advies, bemiddeling, begeleiding, actieve dienstverlening en het bieden van de integrale regie over en de voortgangsbewaking van hun dossier. Zij is hierbij een onafhankelijke wegwijzer in de complexer wordende wereld van wetten, regels, formulieren en instanties voor alle inwoners van een nog nader te bepalen gebied, waartoe onder andere de Kempen-gemeenten zullen behoren. De dienstverlening is onafhankelijk, persoonlijk, strikt vertrouwelijk en kosteloos. De stichting heeft hierbij speciale aandacht voor schuldenproblematiek, rechtmatigheids-, belasting- en voorzieningsvraagstukken, de toeslagen inbegrepen. Bij een complex hulpverzoek worden alle hiermee samenhangende zaken geëvalueerd en verwerkt in een plan van aanpak dat als gids dient voor de verdere dienstverlening. De stichting zal haar doel bereiken door het inzetten en monitoren van vrijwilligers met specialisaties en ervaring op de genoemde aandachtsgebieden. De stichting heeft geen winstoogmerk.

 

Het beleidsplan

 

De Stichting richt zich in haar dienstverlening op de niet-zelfredzamen en kwetsbare mensen. Hiertoe kunnen o.a. worden gerekend mensen met:

  • een lichamelijke en/of psychische beperking
  • een afhankelijkheid van derden om te kunnen functioneren binnen het maatschappelijk bestel
  • een maatschappelijk isolement
  • financiële problemen, de schuldenproblematiek inbegrepen
  • een verblijfstatus
  • een uitkeringsafhankelijkheid
  • een minima afhankelijkheid
  • onvoldoende weerbaarheid tegen instanties
  • tekortkomingen in hun voorzieningen
  • onvoldoende middelen om te voorzien in de noodzakelijke kosten van levensonderhoud
  • een tekortschietend doenvermogen op momenten dat het leven tegenzit.

 

In de voornoemde situaties - die zeker niet als volledig wordt gezien - heeft de stichting de taak om hun zelfredzaamheid te verbeteren, dan wel een oplossing te bieden die voorkomt dat men bij voortduring tegen problemen aanloopt.

 

De stichting heeft onderkend, dat door het thans gevoerde overheidsbeleid velen een zelfredzaamheid wordt toegedicht, die feitelijk niet bestaat of in ieder geval onvoldoende is om aan de eisen van de participatiesamenleving te kunnen voldoen. Dit fenomeen wordt in de formele en informele zorg niet of onvoldoende onderkend. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid heeft vastgesteld dat mensen in moeilijkheden kunnen komen of zaken te lang voor zich uitschuiven omdat zij op momenten dat het leven tegenzit vanwege bijvoorbeeld echtscheiding, faillissement, ongeval of ontslag niet of onvoldoende in staat zijn om zelfredzaam te zijn. Het is juist voor deze groep dat de stichting inzet op een integrale aanpak waarbij het stellen van doelen, in actie komen, regie voeren en volhouden ondanks tegenslagen noodzakelijk is om uit de impasse te geraken.

 

De stichting vindt dat de voornoemde constatering eveneens opgaat voor ouderen. Ook zij zijn vanwege ouderdomsbeperkingen niet of onvoldoende in staat om aan de eisen van de participatiesamenleving te kunnen voldoen. Dit onderkennende heeft de stichting besloten om een product in ontwikkeling te nemen en beschikbaar te stellen waarbij er een structurele langdurige dienstverlening kan worden geboden voor diegenen die binnen afzienbare tijd niet tot voldoende zelfredzaamheid kunnen komen.

 

De bestuurssamenstelling en namen van de bestuurders

 

Het stichtingsbestuur bestaat uit drie bestuursleden en hierbinnen fungeren de hierna genoemden in de bij hen vermelde functie.

1) T.P. Sanders als voorzitter

2) G.J.M. Dielissen als secretaris

3)  G.J.M. Castelijns als penningmeester

 

Het beloningsbeleid

 

De bestuursleden en vrijwilligers werken onbezoldigd en ontvangen een vergoeding voor gemaakte onkosten.

 

Een verslag van de uitgeoefende taken

 

Sedert de oprichting van de stichting hebben zich vele cliënten aangemeld  en zijn er bovendien veel cliënten geïntroduceerd door professionele en overheidsinstanties of doorverwezen door andere hulpverleningsorganisaties. Hiervoor zijn taken uitgevoerd op het gebied van de schuldenproblematiek, rechtmatigheids-, belasting- en voorzieningsvraagstukken, de toeslagen inbegrepen. In een aantal gevallen is de stichting als gemachtigde van cliënten opgetreden in bezwaar- en beroepsprocedures.

 

Behalve de individuele hulpverlening heeft de stichting de taak om algemene welzijnsbevorderende acties te ondernemen en hieronder treft u een aantal van de behaalde resultaten aan.

 

Mocht u op het gebied van de vier genoemde taakgebieden misstanden tegenkomen die het individuele overstijgen dan kunt u deze voorleggen aan de stichting. Gebruik hiervoor de contactbutton en vermeldt hierbij de naam van de contactpersoon en geef aan dat het om misstanden gaat.

 

Gemachtigde vrijwilliger

 

De vrijwilligers van de stichting, die gebruik maken van machtigingen in situaties waarin de cliënt om uiteenlopende redenen ervoor kiest om door hen te worden vertegenwoordigd, worden bij voortduring geconfronteerd met het feit dat overheidsinstanties de gemachtigde niet in kennis stelden van de met een aanvraag of bezwaar samenhangende correspondentie.

 

Dit is door de stichting voorgelegd aan de Nationale Ombudsman en als casus is de praktijk van de Belastingdienst Toeslagen gebruikt. Het door de Nationale Ombudsman opgestarte onderzoek heeft uiteindelijk geleid tot het rapport 2018/69 met als titel: “Twee ‘soorten’ gemachtigden?”

 

De uitkomst van voornoemd rapport is dat de Belastingdienst Toeslagen zijn werkwijze en werkinstructies heeft aangepast zodat alle gemachtigden voortaan in kennis worden gesteld van alle met een aanvraag of bezwaar samenhangende correspondentie. Dus ook de gemachtigde vrijwilliger.

 

Motivatie beschikkingen

 

In de praktijk kwam het veelvuldig voor dat de Belastingdienst Toeslagen haar beschikkingen onvoldoende motiveerde en hierbij soms ook het statusoverzicht onvolledig was. Dit had tot gevolg dat toeslaggerechtigden niet meer kunnen bevatten wat er feitelijk aan de hand is en hoe men alsnog duidelijkheid kan verkrijgen. Het werkt voorts ook vaak belemmerend en vertragend in herzienings- en bezwaarprocedures.

 

Dit is door de stichting met instemming van cliënt als voorbeeld voorgelegd aan de Nationale Ombudsman en heeft tot gevolg dat de Belastingdienst Toeslagen ten overstaan van de Nationale Ombudsman heeft aangekondigd om in de nabije toekomst in haar beschikkingen de specifieke aanleiding van een beschikking bekend te maken.

 

Het niet verwerken van huurverhogingsmutaties in specificaties huurtoeslag

 

Op basis van informatie in diverse dossiers is gebleken dat Belastingdienst Toeslagen de jaarlijkse huurverhogingen, die door cliënten worden opgegeven, niet heeft verwerkt in de specificatie van de huurtoeslag behorend bij de Definitieve berekening en de voorschotbeschikking, terwijl het voorblad van de beschikkingen bericht dat de mutaties tot en met een bepaalde datum zijn verwerkt.

 

Deze tegenstrijdigheid is door de stichting met instemming van een aantal cliënten als klacht aan de Belastingdienst Toeslagen voorgelegd.  Inmiddels is toegegeven dat de oorzaak hiervan ligt in de software van de Belastingdienst Toeslagen.

 

Nu worden er door de Belastingdienst Toeslagen een tweetal opties overwogen. Of men past de software aan of men gaat over tot aanpassing van de informatie op het voorblad van de beschikkingen.

 

Het ten onrechte automatisch toepassen van de loonheffingskorting op Toeslag UWV

 

Even een toelichting op de Toeslagenwet. Deze wet voorziet in een aanvulling van het inkomen in die gevallen dat personen die een uitkering ontvangen op basis van de WW, ZW, WIA, WAO, Wajong, WAZ, Wazo of IOW een uitkering ontvangen die tezamen met overige inkomsten lager is dan het sociaal minimum.

 

Deze toeslag moet door de uitkeringsgerechtigde bij het UWV worden aangevraagd.

Deze toeslag geldt ook voor personen die gedurende hun dienstverband bij ziekte een loondoorbetaling van hun werkgever ontvangen, die tezamen met overige inkomsten lager is dan het sociaal minimum.

 

Na onderzoek van de Stichting is gebleken dat bij toekenning van de Toeslag door UWV het computersysteem automatisch de loonheffingskorting toepast en dat de behandelend medewerker van UWV volgens de werkinstructie dan vóór het nemen van het Toeslagbesluit contact moet opnemen met de uitkeringsgerechtigde om na te gaan of deze heffingskorting ook daadwerkelijk moet worden toegepast. Het risico hierbij is dat de ‘controlevraag’ niet wordt gesteld en de loonheffingskorting ten onrechte op de Toeslag wordt toegepast. Dit leidt dan tot de onaangename verrassing dat de uitkeringsrechtigde eerst bij aangifte voor de inkomstenbelasting het effect hiervan merkt als hij de te veel genoten loonheffingskorting moet terugbetalen.

 

 

De Stichting heeft de Nationale Ombudsman verzocht om een onderzoek in te stellen. Dit onderzoek heeft onze bevindingen bevestigd en deze zullen er vervolgens toe leiden dat UWV – zoals toegezegd - het computersysteem gaat aanpassen. Voor de tussenliggende tijd blijft waakzaamheid geboden en geldt het advies om in voorkomende gevallen te toetsen of de werkinstructie wordt opgevolgd.

 

Het tweede winstpunt van de actie van de Stichting is gelegen in het volgende. Wanneer de uitkeringsgerechtigde, bij wie ten onrechte de loonheffingskorting is toegepast, tot een verzoek tot schadevergoeding komt, dient het UWV bij een eventuele afwijzing van dit verzoek een rechtsmiddelenverwijzing in haar besluit op te nemen. Hiermee is bereikt dat de uitkeringsgerechtigde wordt geïnformeerd over zijn mogelijkheden tot maken van bezwaar en het instellen van beroep.

 

Geen nieuwe huurtoeslagbeschikking bij gewijzigde huur?

 

Het is de Stichting gebleken dat wanneer men de jaarlijkse huurverhoging per 1 juli bij de Belastingdienst Toeslagen bekend stelt, dit niet altijd leidt tot een nieuwe huurtoeslagbeschikking.

 

Als verklaring wordt aanvankelijk door de Belastingdienst Toeslagen gemeld dat er geen nieuwe beschikking tot stand zal komen als dit geen gevolg zal hebben voor de te ontvangen huurtoeslag of in andere woorden gezegd: u heeft in uw situatie al de maximale huurtoeslag ontvangen en daarom krijgt u geen nieuwe huurtoeslagbeschikking.

 

Dit heeft een aantal ongewenste effecten en de huurtoeslagbeschikking is niet juist omdat deze in de specificatie niet de juiste huurgegevens vermeldt.

 

Bij de definitieve berekening van de huurtoeslag wordt in de specificatie vastgesteld dat de huurprijs het gehele jaar hetzelfde is gebleven en dit geeft feitelijk een onjuiste voorstelling van zaken. De aanvrager van de huurtoeslag wordt in verwarring gebracht. De aanvrager krijgt immers de indruk dat de huurverhoging niet is verwerkt.

 

Voor de berekening van de woonlasten bij het bepalen van o.a. de beslagvrije voet of het vrij te laten bedrag of daarmee overeenkomende berekeningen, wordt dikwijls uitgegaan van de huurtoeslagbeschikking. Omdat er tot op heden geen nieuwe huurtoeslagbeschikking wordt uitgebracht wanneer bij een huurverhoging wordt geconstateerd dat het maximum van de huurtoeslag voor dat jaar al is bereikt, laat de laatste uitgebrachte huurtoeslagbeschikking van het betreffende jaar de huurprijs zien zoals die aan het begin van het jaar gold. Gevolg hiervan is een te lage beslagvrije voet of vrij te laten bedrag met als gevolg een te laag besteedbaar inkomen.

 

Via klachtprocedures kreeg de Stichting van de Belastingdienst Toeslagen de bevestiging dat het voorgaande op een programmafout berust. Omdat er geen garantie wordt geboden voor het herstel van deze programmafout, is dit dossier voorgelegd aan de Nationale Ombudsman.

 

De Nationale Ombudsman heeft geoordeeld dat de Belastingdienst Toeslagen de programmafout moet herstellen en zal de vinger aan de pols houden voor wat betreft de realisatie.

 

 

 

De financiële verantwoording

KVK:   70775419

IBAN:  NL03 SNSB 0705 9627 09

RSIN:  8584.54.713

Email: info@srwd.nl

Klachtenprocedure

Gegevensbescherming

Algemene welzijnsbevorderende resultaten